Jarenlang staren naar de grootste gifbelt

BROEK IN WATERLAND - 'Broekers' blijven 25 jaar na ontdekking opgescheept met 'chemische tijdbom' van Volgermeerpolder

In 1980 werd ontdekt dat zich nabij Amsterdam Nederlands grootste gifbelt bevond. Maar 25 jaar later stokt de sanering, tot woede van het aangrenzende dorp Broek in Waterland. 'Het is dat ik zo'n goede riem heb, anders was mijn broek al lang afgezakt.' Joop van Zwol, een mopperpot in hapklare brokken, gaat gekleed in een witte overall van plastic, waarop de regendruppels als luchtbelletjes achterblijven. Met een stel andere Broekers, zoals inwoners van Broek in Waterland officieel heten, voert Van Zwol vrijdagochtend actie. Hun witte overalls wekken de suggestie van groot alarm. De lege vaten waarop een doodshoofd is geschilderd, moeten doorgaan voor gifafval. Ten behoeve van de media zullen ze straks die vaten onder een bergje zand begraven, een handeling die hun onvrede moet symboliseren over het lot van de Volgermeerpolder. Het giftig landschap ontvouwt zich in al zijn weidsheid achter de 'mannen in witte pakken'. De Volgermeerpolder is een terrein van ruim honderd hectare dat Amsterdam-Noord scheidt van Broek in Waterland. De stad heeft er sinds de jaren twintig van de vorige eeuw haar vuilnis gestort. Daaraan kwam in 1981 een einde, toen deze vlakte als een 'chemische tijdbom' werd blootgelegd. De Volgermeerpolder bleek vervuild met dioxines en chloorbenzenen, erfenis van een Amsterdamse vestiging van Philips. Het dorp plukt er nu nog de wrange vruchten van. Na jarenlang soebatten over de ernst van de vervuiling en de verantwoordelijkheid daarvoor, werd twee jaar geleden eindelijk begonnen met de sanering. Alle rotzooi zou onder een dikke laag zand verdwijnen, waarna de fauna weer gezond wortel kon schieten. De bedoeling was de Volgermeer in 2011 te heropenen als recreatieterrein. Maar de werkzaamheden zijn op last van de rechtbank stilgelegd, omdat twee bedrijven bakkeleien over hun aandeel in het werk. Dat is de reden dat Joop van Zwol nu staat te popelen om zijn spade demonstratief in een bergje zand te steken. De mannen in witte pakken zijn lid van het Burgerkomitee Vuilstortplaats Volgermeerpolder. De spelling van het woord comité zegt alles over de lange historie van de vervuiling. Op 5 augustus 1980 verzamelden bezorgde inwoners zich in deze actiegroep nadatwas gebleken dat hun dorp grensde aan de grootste gifbelt van Nederland. Al in 1986 lag een plan van aanpak klaar. Maar sindsdien is er alleen maar uitgesteld, veranderd en geruzied, zodat de naam Volgermeer symbool is geworden voordecennia lichtzinnige afvalverwerking en de Burgerkomiteeleden hun jubileum vrijdag vieren in witte overalls. De 75-jarige mevrouw Kaars is geboren, getogen en nog altijd woonachtig bij de ingang van de vuilstortplaats. Ze herinnert zich nog goed de bakkeboten die via de ringvaart het Amsterdams huisvuil afleverden en het plezier dat haar familie jarenlang van de stortplaats heeft gehad. 'Was er bijvoorbeeld een brand geweest in een knopenfabriek in Amsterdam, dan waarschuwden die bakkebootmannen ons dat ze allemaal knopen aan boord hadden. En niet te vergeten: garen. Ik heb nog steeds klosjes garen van de stortplaats thuis staan.' Ook haar eigen kinderen hebben hele dagen de polder afgestruind op zoek naar wat bruikbaars. Daaraan kwam een einde toen een buurjongen thuiskwam met huiduitslag. De onschuldige tijd van knopen en garen bleek voorbij. Mevrouw Kaars, die de symbolische actie nauwlettend volgt vanuit een raampje op de eerste verdieping, vindt het schandalig dat de sanering op zich laat wachten. Maar de Broekse woede daarover kan beter worden verwoord door Joop van Zwol. 'Het is gewoon godgeklaagd wat hier gebeurt', zegt hij. 'Je hebt in Nederland twee grote gifaffaires gehad: Volgermeer en Lekkerkerk. Daar hebben ze wel actie ondernomen, maar wij zitten nog met de ellende.

Bron: Het Parool
Auteur: Bart Jungmann